Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Oplegging van straf
Toepasselijke wettelijke voorschriften
Vordering tenuitvoerlegging
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
13 (dertien) dagen.
Gerechtshof Amsterdam
In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter bevestigd met uitzondering van de strafoplegging en de beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van één maand waarvan 17 dagen voorwaardelijk.
Het hof overwoog dat de verdachte zich schuldig had gemaakt aan diefstal van verpakkingen sushi, waardoor het eigendomsrecht van een winkel werd geschonden en schade werd toegebracht. Gezien de recidive van de verdachte op vermogensdelicten achtte het hof een gevangenisstraf passend. Echter, omdat de verdachte reeds een ISD-maatregel van twee jaar ondergaat, vond het hof het niet opportuun dat hij opnieuw zou worden gedetineerd na afloop daarvan.
Daarom stelde het hof de gevangenisstraf gelijk aan de duur van het reeds door de verdachte ondergane voorarrest, namelijk 13 dagen. Tevens werd het bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven. De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf werd afgewezen, mede gelet op de omstandigheden en het belang van de effectiviteit van voorwaardelijke straffen.
Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 20 januari 2020.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 13 dagen en het bevel tot voorlopige hechtenis wordt opgeheven.