Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.de vennootschap onder firma ABN BOUW,
[vennoot 1]en
[vennoot 2],
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
all in. ABN Bouw is bij dit onderzoek en het rapport niet betrokken geweest.
Gerechtshof Amsterdam
In hoger beroep is geschil over de aansprakelijkheid van ABN Bouw voor gebreken aan werkzaamheden aan de woning van appellant. Het hof bevestigt dat de overeenkomst kwalificeert als aanneming van werk en behandelt diverse gebreken die appellant stelt.
Het hof oordeelt dat ABN Bouw tekort is geschoten bij gebreken zoals corrosie aan radiatorkoppelingen, gebrekkige afvoer in de badkamer en ondeugdelijke kitvoeg, omdat appellant tijdig heeft geklaagd en ABN Bouw niet heeft gerepareerd. Andere gebreken zoals losliggende vloertegels en onvoldoende isolatie zijn onvoldoende bewezen of niet tijdig gemeld.
Het hof vernietigt het bestreden vonnis voor de gegrond verklaarde gebreken en wijst appellant toe om zijn schade nader te specificeren, waarna ABN Bouw kan reageren. De zaak wordt verwezen naar de rol voor verdere afhandeling. Voor de overige vorderingen en proceskosten wordt het vonnis bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof verklaart ABN Bouw aansprakelijk voor enkele verborgen gebreken en wijst een schadestaatprocedure toe voor de schadevergoeding.