Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
- het hof de bewijsmotivering van de politierechter vervangt door onderstaande bewijsmotivering;
- het hof de door de politierechter gegeven kwalificatie verbeterd leest als:
Gerechtshof Amsterdam
Op 27 februari 2015 werd een mogelijke hennepkwekerij gemeld in een woning te Alkmaar die in bruikleen was gegeven aan verdachte. Bij onderzoek troffen politieagenten twee volledig ingerichte kweekruimtes aan met hennepplanten en -resten. Verdachte verklaarde de woning te hebben onderverhuurd aan een derde, maar kon deze verklaring niet aannemelijk maken.
De verdediging voerde aan dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs was dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan het telen en voorhanden hebben van hennep, mede omdat geen indicatief testrapport over THC-gehalte was overgelegd. Het hof oordeelde echter dat de waarnemingen van de verbalisanten, waaronder het ruiken van henneplucht en het aantreffen van kweekruimtes en henneptoppen, voldoende bewijs vormen.
Het hof verwierp het verweer dat de woning aan een ander was onderverhuurd, omdat de verklaring van verdachte inconsistent en niet onderbouwd was. De bewijsmotivering van de politierechter werd vervangen en de kwalificatie van het feit werd verbeterd gelezen als opzettelijk handelen in strijd met artikel 3, onder B, van de Opiumwet. Het hof bevestigde het vonnis en veroordeelde verdachte overeenkomstig de straf in eerste aanleg.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld voor het telen en voorhanden hebben van hennep in strijd met de Opiumwet.