ECLI:NL:GHAMS:2019:487
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verwerping verklaring derdenbeslag wegens verjaring vordering onderbedeling
In deze zaak vordert DB Beleggingen dat het hof de verklaring derdenbeslag van de ex-echtgenote van de schuldenaar verbetert en haar veroordeelt tot betaling van een bedrag van € 100.000,- wegens onderbedeling bij de boedelverdeling. De ex-echtgenote betwist dat zij nog een vordering van de schuldenaar heeft en heeft een verklaring derdenbeslag afgelegd waarin zij stelt dat geen vordering bestaat.
Het hof stelt vast dat de vordering wegens onderbedeling, indien die al heeft bestaan, inmiddels is verjaard. DB Beleggingen heeft onvoldoende concreet gesteld dat de verjaring is gestuit, ondanks haar stelling dat betalingen in 2007 en 2008 en mogelijk daarna de verjaring zouden hebben onderbroken. Ook het e-mailbericht van de advocaat van de ex-echtgenote uit 2014 heeft geen stuitende werking.
Verder faalt het beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid omdat onvoldoende feiten zijn gesteld om het beroep op verjaring onaanvaardbaar te achten. Het hof bekrachtigt daarom het vonnis van de rechtbank dat de verklaring derdenbeslag terecht is afgewezen en veroordeelt DB Beleggingen in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering van DB Beleggingen af wegens verjaring.