Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
uitsluitendde technische omschrijving c.a. de omvang en inhoud van de door Heddes te leveren prestatie bepaalt. [appellant sub 1] heeft getekend voor de ontvangst van de technische omschrijving en heeft die ook daadwerkelijk ontvangen, zij het, naar hij stelt, eerst na ondertekening van de overeenkomst. Door de aannemingsovereenkomst te ondertekenen heeft [appellant sub 1] zich akkoord verklaard met de (toepasselijkheid van) de technische omschrijving, of hij die voorafgaand aan de ondertekening nu al had gelezen of niet, wat zijn eigen keuze was. Hij had bovendien na de overhandiging nog de in artikel 2 van Pro de aannemingsovereenkomst geregelde bedenktijd van een week. Aan zijn akkoordverklaring is [appellant sub 1] gebonden, ook al heeft hij de technische omschrijving niet ondertekend. Het hof kan overigens in de aannemingsovereenkomst niet lezen dat daarin is voorgeschreven dat de technische omschrijving door beide partijen gewaarmerkt bij de notaris wordt gedeponeerd. De technische omschrijving is ook niet te beschouwen als een verzameling algemene voorwaarden, omdat zij de kern van de prestatie van Heddes beschrijft, zodat het moment van terhandstelling ook niet met het oog op het bepaalde in artikel 6:233 BW Pro van belang is. Grief VI mist dus doel.
soorttegels dat zal worden aangebracht. In de paragraaf “sanitair” is daarop enkel een uitzondering gemaakt voor de zelfstandige woningen, nu aan de kopers van de kadewoningen de mogelijkheid is geboden de natte ruimtes casco te laten opleveren, wat wil zeggen: geheel kaal, zonder inrichting (in de technische omschrijving “het sanitair” genoemd) en zonder vloer- en wandafwerking. De opmerking in die paragraaf dat het sanitair kan worden gewijzigd naar de eigen wensen van de koper, heeft slechts betrekking op de in die paragraaf genoemde inrichting (het sanitair) en dus niet op de tegels. Met zijn betoog over de mogelijkheid om van de technische omschrijving af te wijken en aldus een gedeeltelijke casco oplevering te bewerkstelligen, miskent [appellant sub 1] , wat van dat betoog overigens ook zij, dat ook de voorzieningenrechter van het bestaan van die afwijkingsmogelijkheid is uitgegaan. Grief V is dus tevergeefs voorgedragen.