ECLI:NL:GHAMS:2019:3051
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Tenuitvoerlegging van voorwaardelijke gevangenisstraf wegens niet-naleving bijzondere voorwaarden
De veroordeelde was bij arrest van 14 november 2017 veroordeeld tot een taakstraf van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden met een proeftijd van drie jaar. Tijdens de proeftijd moest hij voldoen aan bijzondere voorwaarden, waaronder meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling, medewerking aan dagbesteding, en plaatsing in een begeleide woonvorm.
De advocaat-generaal vorderde op 5 juni 2018 de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke gevangenisstraf omdat de veroordeelde zich niet aan de bijzondere voorwaarden zou hebben gehouden. De reclassering bevestigde dat de veroordeelde afspraken niet nakwam en onvoldoende meewerkte. De veroordeelde gaf aan dat hij afspraken soms afbelde en dat het contact met de reclassering stroef verliep, mede doordat hij geen postadres had en zich niet bewust was van de consequenties.
Het hof oordeelde dat ondanks de motivatie van de veroordeelde en de verklaring dat ook overheidsinstanties tekortschoten, het toezicht niet naar verwachting verliep. Daarom werd de vordering van de advocaat-generaal toegewezen en de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf van drie maanden gelast.
Uitkomst: Het hof gelast de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden wegens niet-naleving van bijzondere voorwaarden.