ECLI:NL:GHAMS:2019:3038
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.E. Kleene-Krom
- M.M. van der Nat
- M. Senden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gevangenisstraf voor invoer van grote hoeveelheid cocaïne
In hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland bevestigt het gerechtshof Amsterdam de opgelegde straf van 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 15 maanden voorwaardelijk, voor het ten laste gelegde feit van invoer van 3.079,6 gram cocaïne.
De verdediging voerde aan dat het gewicht van de drugs geen maatstaf zou moeten zijn voor de strafmaat en dat rekening gehouden moest worden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder de problematische thuissituatie van haar dochter en haar eigen psychische gesteldheid. Het hof overweegt echter dat het gewicht van de drugs relevant is voor de ernst van het feit en daarmee voor de strafmaat, mede vanwege de schadelijke effecten en de mogelijke criminaliteit die met grotere hoeveelheden gepaard gaat.
Het hof sluit zich aan bij de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg van Voorzitters in de Strafsectoren (LOVS), die voor deze hoeveelheid cocaïne een gevangenisstraf tussen 30 en 36 maanden voorschrijven. Gezien de persoonlijke omstandigheden ziet het hof geen reden om een lagere straf op te leggen dan de rechtbank eerder deed. De verdachte had zich bewust moeten zijn van de negatieve gevolgen van haar handelen voor zichzelf en haar dochter.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 15 augustus 2019.
Uitkomst: Bevestiging gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 15 maanden voorwaardelijk, voor invoer van ruim 3 kilogram cocaïne.