ECLI:NL:GHAMS:2019:2438

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
12 juni 2019
Publicatiedatum
16 juli 2019
Zaaknummer
23-003700-18
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 lid 2 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens niet-handhaving

In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 12 juni 2019 uitspraak gedaan over het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam van 12 oktober 2018. De verdachte heeft tijdens de terechtzitting aangegeven het hoger beroep niet te willen handhaven. Tevens is gebleken dat er geen rechtens te respecteren belang bestaat bij nader onderzoek van de zaak.

Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep. Dit betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk is behandeld en het vonnis van de politierechter in stand blijft.

De beslissing is genomen door mr. G. Oldekamp, in aanwezigheid van mr. L. van Dijk, griffier. Er zijn geen verdere feiten of bewijsbesprekingen aan de orde gekomen vanwege de niet-ontvankelijkheid.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens niet-handhaving.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-161069-18
parketnummer hoger beroep : 23-003700-18
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 12 juni 2019 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 12 oktober 2018 in de zaak tegen de verdachte:
naam:
[verdachte]
voornamen:
geboren: [geboortedag] 1980 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Nu de verdachte ter terechtzitting te kennen heeft gegeven het hoger beroep niet te willen handhaven en ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak, zal de verdachte gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Gewezen door mr. G. Oldekamp, in bijzijn van mr. L. van Dijk, griffier.
mr. G. Oldekamp