Uitspraak
[verdachte]
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 12 juni 2019 uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter van 2 augustus 2018. De verdachte, geboren in 1985, was in eerste aanleg veroordeeld, waarna hoger beroep werd ingesteld.
Tijdens de terechtzitting gaf de raadsman van de verdachte te kennen het hoger beroep niet te willen handhaven. Tevens bleek er geen rechtens te respecteren belang te zijn dat een nadere behandeling van de zaak zou rechtvaardigen.
Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. De beslissing werd genomen door mr. G. Oldekamp, in aanwezigheid van griffier mr. L. van Dijk.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens niet-handhaving.