Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het verloop van het geding in hoger beroep
2.De feiten
3.De beoordeling
grief 1faalt.
grief 2moet worden verworpen.
grief 3,
grief 4en
grief 5evenmin terecht zijn voorgesteld.
grief 6faalt derhalve.
Gerechtshof Amsterdam
De zaak betreft een geschil tussen appellant en De Alliantie over de huurovereenkomst van een sociale huurwoning sinds 1994. De Alliantie vordert ontbinding en ontruiming wegens het niet hebben van hoofdverblijf door appellant en het zonder toestemming onderverhuren of in gebruik geven van de woning aan derden.
De kantonrechter stelde vast dat sinds 2014 tot 2018 anderen onafgebroken in de woning verbleven en ingeschreven stonden, wat een ernstige toerekenbare tekortkoming vormt. Appellant betwistte dit en stelde dat het om postadresgebruik ging en dat de betrokkenen deel uitmaakten van zijn huishouding.
Het hof oordeelt dat in kort geding geen volledige bewijslevering vereist is en dat de stellingen van appellant onvoldoende onderbouwd zijn. De verklaringen van de betrokkenen zijn tegenstrijdig en er bestaat gerede twijfel over het hoofdverblijf van appellant. Het hof bevestigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bevestigt de ontruimingsvordering en veroordeelt appellant in de proceskosten.