ECLI:NL:GHAMS:2019:1872
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging veroordeling voor meermalige zakkenrollerij in vereniging
In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter bevestigd waarin verdachte werd veroordeeld voor twee pogingen tot zakkenrollerij in vereniging. De verdediging voerde aan dat verdachte geen actieve rol had en slechts medeplichtig was, maar het hof oordeelde dat sprake was van medeplegen vanwege de bewuste en nauwe samenwerking waarbij verdachte als afschermster en insluitspecialist optrad.
De bewijsvoering bestond uit verklaringen van vijf verbalisanten die de rolverdeling en handelingen van verdachte en medeverdachte observeerden. Het hof stelde vast dat verdachte een essentiële bijdrage leverde aan het plegen van de feiten, ook al verrichtte zij zelf geen wegnemingshandeling.
De strafoplegging hield rekening met de ernst van de feiten, de maatschappelijke impact van zakkenrollerij in Amsterdam en het feit dat verdachte een first offender is. De opgelegde straf is tien weken gevangenisstraf, waarvan vier weken voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, met aftrek van voorarrest.
Een verweer over termijnoverschrijding bij voorgeleiding werd verworpen omdat de verdediging onvoldoende nadeel aantoonde en de wettelijke termijn volgens het hof niet was overschreden. Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en op 21 mei 2019 uitgesproken.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot tien weken gevangenisstraf, waarvan vier weken voorwaardelijk.