ECLI:NL:GHAMS:2019:1622
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak diefstal uit auto in parkeergarage wegens onvoldoende bewijs
In hoger beroep tegen een vonnis van de politierechter werd verdachte beschuldigd van diefstal met braak uit een personenauto in een parkeergarage te Amsterdam op 24 augustus 2017. De tenlastelegging betrof het wegnemen van een tas met inhoud uit een Peugeot, waarbij verdachte zich toegang tot de auto zou hebben verschaft door een ruit in te tikken.
Tijdens het onderzoek stelde de verdediging dat de camerabeelden waarop de verbalisant zich baseerde niet meer beschikbaar waren, waardoor niet kon worden vastgesteld of de waarnemingen van de verbalisant overeenstemden met de beelden. Bovendien strookte de aangifte niet met het proces-verbaal, waardoor verschillende beelden van de modus operandi ontstonden.
Het hof constateerde dat de stills in het dossier de door de verbalisant beschreven handelingen niet toonden en dat de bewegende beelden niet meer beschikbaar waren. Ook bleek uit de aangifte dat de schade aan de auto op een ander tijdstip en op een andere plaats was vastgesteld dan in het proces-verbaal werd beschreven. Tevens was niet waargenomen dat verdachte een tas droeg bij zijn vlucht.
Gezien deze onverenigbaarheden en het ontbreken van voldoende bewijs sprak het hof verdachte vrij van de ten laste gelegde diefstal met braak en vernietigde het het vonnis van de politierechter.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van diefstal uit een auto wegens onvoldoende bewijs.