Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter waarin verdachte werd veroordeeld voor diefstal met braak van een TomTom navigatiesysteem en oplader uit een auto. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 29 november 2017 te Amsterdam met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening deze goederen heeft weggenomen door middel van braak.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter wegens een andere bewezenverklaring en kwalificatie. De rechtbank legde een gevangenisstraf van zes weken op, waarvan vier weken voorwaardelijk, maar het hof achtte gezien de ernst van het feit, eerdere veroordelingen en het ontbreken van berouw een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden passend.
Daarnaast gelastte het hof de tenuitvoerlegging van eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraffen wegens eerdere vermogensdelicten, omdat verdachte zich tijdens de proeftijd opnieuw schuldig had gemaakt aan een strafbaar feit. De raadsvrouw voerde aan dat detentie grote financiële gevolgen zou hebben, maar dit werd door het hof niet als zwaarwegend erkend. Het hof benadrukte dat verdachte geen blijk gaf van inzicht of bereidheid tot gedragsverandering.