ECLI:NL:GHAMS:2018:441
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis hoger beroep diefstal lokfiets met braak
Op 16 juni 2017 plaatste de politie een lokfiets met een track & trace systeem in een fietsenrek aan de Hemonystraat te Amsterdam. Op 20 juni 2017 werd het bewegingsalarm van de fiets geactiveerd en werd de fiets met snelheid verplaatst. Kort daarna werd verdachte rijdend op deze fiets aangehouden in de Oosterparkstraat.
De verdediging stelde dat verdachte niet de diefstal had gepleegd en hoogstens joyriding op het oog had, omdat geen bewijs bestond dat hij het slot had opengebroken. Het hof oordeelde echter dat gezien de korte tijd tussen het in beweging komen van de fiets en de aanhouding van verdachte, en het feit dat de fiets continu in beweging was, verdachte degene moet zijn geweest die de fiets heeft gestolen en het slot heeft opengebroken.
Verdachte kon geen aannemelijke verklaring geven over de herkomst van de fiets. Het hof verwierp het verweer van de verdediging en oordeelde dat verdachte de fiets wederrechtelijk heeft toegeëigend. De straf van drie weken gevangenisstraf, opgelegd door de politierechter, werd bevestigd door het hof.
De enkele stelling van de raadsman dat verdachte een uitkering heeft en vrijwilligerswerk doet, was onvoldoende om een andere strafmaat te rechtvaardigen. Het hof bevestigde het vonnis met aanvulling van de strafmotivering en voegde artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht toe aan de toepasselijke wetsartikelen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie weken gevangenisstraf voor diefstal met braak van een lokfiets.