Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
- (primair) binnen kantoortijden van 09:00 tot 17:00 GMT van maandag tot en met vrijdag en tenminste 48 uur voor aanvang van iedere stakingsactie of werkonderbreking;
2.Feiten
We have announced a work stoppage on June 14, 2016 from 6 AM until 2 PM. We received information that easyJet has asked or ordered pilots from other foreign easyJet bases to perform the flights of today. In our view, this practice is unlawful. We ask you to confirm that you will not hire pilots from foreign bases as a replacement for pilots who are striking. (…)
3.Beoordeling
ter beschikking stellen van arbeidskrachten aan een ander”. Volgens art. 1 lid 3 onder Pro c Waadi is van ‘een ander’ geen sprake indien de onderneming waar de arbeid wordt verricht door dezelfde ondernemer in stand gehouden wordt als de onderneming die de arbeidskrachten ter beschikking stelt.
VNV stelt dat die inzet in strijd is met het goed werkgeverschap en, daarnaast, ook onrechtmatig. Zij acht daarvoor redengevend dat EasyJet, gebruik makend van een leemte in de wet, voorkomt dat de AMS-based piloten effectief gebruik kunnen maken van hun stakingsrecht en zodoende in strijd handelt met art. 6 lid 4 van Pro het Europees Sociaal Handvest (ESH). EasyJet heeft dit weersproken.
In het Enerco-arrest heeft de Hoge Raad overwogen dat een collectieve actie die valt onder de reikwijdte van art. 6, aanhef en onder 4, ESH, in beginsel dient te worden geduld als een rechtmatige uitoefening van het in deze verdragsbepaling erkende grondrecht en dat niettemin de actie in verband met art. G ESG kan worden verboden of beperkt indien die, gelet op de zorgvuldigheid die krachtens art. 6:162 BW Pro in het maatschappelijk verkeer in acht moet worden genomen ten aanzien van een derde, in zodanige mate inbreuk maakt op diens rechten dat beperkingen, maatschappelijk gezien, dringend noodzakelijk zijn. Of dit het geval is, zo vervolgt de Hoge Raad, is een vraag die moet worden beslist door - met inachtneming van alle omstandigheden van het geval - de met de uitoefening van het grondrecht gediende belangen af te wegen tegen die waarop inbreuk wordt gemaakt.
VNV meent dat deze feiten en omstandigheden niet opwegen tegen het fundamentele recht van VNV om acties zoals de onderhavige te voeren. VNV heeft erkend dat de voorgenomen stakingen nadelige gevolgen zouden hebben gehad voor een beperkt aantal passagiers, maar meent dat die inherent zijn aan het stakingsmiddel en niet van dien aard en omvang zijn dat beperking van het stakingsrecht dringend maatschappelijk noodzakelijk is.