Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.De feiten
- Beide minderjarigen verblijven iedere zaterdag van 9.00 uur tot 17.00 uur bij de man, alsmede iedere woensdag of donderdag van 16.30 uur tot 18.30 uur, waarbij de vrouw de minderjarigen naar de man brengt en de man de minderjarigen naar de vrouw terugbrengt.
- Vanaf het moment dat [kind a] drie jaar is, verblijven beide minderjarigen de ene week op zaterdag van 9.00 uur tot 17.00 uur bij de man en de andere week van zaterdag 9.00 uur tot zondag 17.00 uur bij de man, alsmede iedere woensdag of donderdag van 16.30 uur tot 18.30 uur bij de man, waarbij de vrouw de minderjarigen naar de man brengt en de man de minderjarigen naar de vrouw terugbrengt.
- Vanaf het moment dat [kind a] vier jaar is verblijven beide minderjarigen eenmaal per veertien dagen van vrijdag 16.30 uur tot zondag 17.00 uur bij de man, waarbij de vrouw de minderjarigen naar de man brengt en de man de minderjarigen naar de vrouw terugbrengt, alsmede iedere woensdag van 16.30 uur tot donderdag naar school, waarbij de man de minderjarigen op donderdag naar school brengt.
- Partijen dienen de verdeling van de feestdagen en vakanties voor de beide minderjarigen in onderling overleg te regelen totdat [kind a] de leeftijd van vier jaar heeft bereikt. Vanaf het moment dat [kind a] vier jaar is dienen de schoolvakanties bij helfte te worden gedeeld.
- te bepalen dat [kind a] en [kind b] elke donderdagmiddag tot vrijdagochtend bij de man verblijven, waarbij [kind a] en [kind b] door de man van school en kinderdagverblijf worden gehaald en op vrijdag naar school ( [kind a] ) en naar de vrouw ( [kind b] ) worden teruggebracht;
- te bepalen dat [kind a] en [kind b] om de veertien dagen bij hem verblijven van zaterdagochtend tot en met zondagavond;
- een regeling te treffen voor de feestdagen en vakanties, om te beginnen de zomervakantie 2018;
- te bepalen dat de vrouw gehouden is tot nakoming van de bij de bestreden beschikking bepaalde zorgregeling alsmede aan het in incidenteel appel verzochte bij gebreke waarvan de vrouw voor elk dagdeel dat zij in gebreke is een dwangsom ad € 100,- zal verbeuren.
4.Beoordeling van het hoger beroep
5.Beslissing
- dat [kind a] en [kind b] eens per twee weken een weekend bij de man verblijven van zaterdag 9.00 uur tot zondag 17.00 uur, waarbij de vrouw de kinderen naar de man brengt en de man de kinderen naar de vrouw terugbrengt,
- dat de kinderen daarnaast iedere week op woensdag van 12.30 uur (of zoveel eerder of later als school of kinderdagverblijf eindigt) tot 17.00 uur bij de man verblijven, waarbij de man de kinderen ophaalt bij de vrouw of school of het kinderdagverblijf en de kinderen weer bij de vrouw terugbrengt;
- dat de zorg voor de kinderen in de schoolvakanties met ingang van de zomervakantie 2019 tussen de ouders gelijkelijk wordt gedeeld;
- dat de kinderen het komende schooljaar 2018/2019 tot de zomervakantie 2019 twee maal een, in onderling en met de GI te voeren overleg nader te bepalen, schoolvakantieweek aaneengesloten bij de man zullen verblijven;