Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
2.Stukken van het geding
3.Feiten
e-mailbericht van klager van 22 maart 2017. Aan klager is onder meer medegedeeld:
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak heeft klager beroep ingesteld tegen een beslissing van de kamer voor het notariaat waarin een klacht tegen een notaris deels gegrond werd verklaard zonder maatregel en deels ongegrond.
De klacht betrof drie onderdelen: vermeende belangenverstrengeling, schending van zorgplicht door het niet verifiëren van de feitelijke situatie bij een appartementsrecht, en het niet tijdig reageren op vragen en klachten. De feiten betreffen de aankoop van een appartement met buitenruimte, waarbij juridische en feitelijke situatie niet overeenstemden, en de notaris betrokken was bij het project en de leveringsakte.
Het hof bevestigde dat er geen belangenverstrengeling was en dat de notaris zijn zorgplicht niet had geschonden, aangezien hij klager had geïnformeerd over zijn rechten en de juridische situatie. Wel oordeelde het hof dat de notaris niet tijdig had gereageerd op vragen van klager, wat een tuchtrechtelijk verwijt opleverde. Daarom legde het hof een waarschuwing op, waarmee het oordeel van de kamer werd vernietigd en vervangen.
De overige klachten werden ongegrond verklaard. Het hof zag af van een kostenveroordeling vanwege de datum van het beroepschrift in relatie tot een wetswijziging. De uitspraak werd openbaar gedaan op 22 mei 2018 door de rolraadsheer.
Uitkomst: De klacht over het niet tijdig reageren door de notaris wordt gegrond verklaard met oplegging van een waarschuwing; overige klachten worden ongegrond verklaard.