ECLI:NL:GHAMS:2018:1521
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing exclusief gebruik woning aan partner na beëindiging relatie onder voorwaarde tijdige huurbetaling
Partijen, voormalige partners met gezamenlijk huurrecht op een woning te Amsterdam, kwamen in geschil over het exclusieve gebruik van de woning na het beëindigen van hun relatie. Appellante vorderde het uitsluitend gebruik van de woning en inboedel met een bevel aan geïntimeerde om de woning te verlaten, terwijl geïntimeerde dit betwistte en zelf exclusief gebruik vorderde.
De voorzieningenrechter wees de vordering van appellante af en kende exclusief gebruik toe aan geïntimeerde, mede vanwege zijn hogere inkomen en de huurovereenkomst die door beide partijen werd gedragen. Het hof stelde vast dat geïntimeerde binnen circa zes maanden Nederland zal verlaten en appellante hier wil blijven wonen en werken. Het belang van appellante bij voortzetting van de huur en het gebruik van de woning, mede vanwege haar werk en langere verblijf in Nederland, weegt zwaarder dan dat van geïntimeerde.
Het hof vernietigde het vonnis van de voorzieningenrechter en bepaalde dat appellante met uitsluiting van geïntimeerde gerechtigd is tot het exclusieve gebruik van de woning en de aan haar toebehorende inboedel, onder de voorwaarde dat zij de huur stipt betaalt. Geïntimeerde wordt bevolen de woning binnen veertien dagen te verlaten, op straffe van een dwangsom. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Appellante krijgt exclusief gebruik van de woning onder voorwaarde van stipte huurbetaling en geïntimeerde moet de woning binnen veertien dagen verlaten.