Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
e-mail van klaagster buiten beschouwing gelaten omdat deze een nadere schriftelijke uiteenzetting betrof, waarvoor geen toestemming was gegeven.
2.Stukken van het geding
3.Feiten
partijen zullen een afspraak maken om binnen vier weken na de datum van dit vonnis bij een door koper aan te wijzen notaris te verschijnen waarbij de juridische levering van het perceel grond zal plaatsvinden. Bij het verlijden van de akte zal koper de restant koopsom op de derdengeldrekening van de notaris storten. Verkoper draagt er zorg voor dat de hypotheek ten gunste van zijn ex-echtgenote zal zijn geroyeerd. De kosten van de notaris zullen door beide partijen, ieder voor de helft, worden gedragen.
toekomen. Dit alles met het oog op de op handen zijnde levering van een strook grond die partijen willen overdragen. Van de heer [naam] heb ik begrepen dat deze overdracht op 30 of 31 december 2014 plaats zal moeten vinden.”
heeft betwist dat zij haar verplichting om bij de notaris te verschijnen en daar het restant van de koopsom te voldoen, niet is nagekomen. Volgens gedaagde diende eiser[hof: de vader]
immers eerst zorg te dragen voor royement van het hypotheekrecht van zijn ex-echtgenote en heeft eiser hier niet aan voldaan. Eiser heeft gesteld dat het royement van dit hypotheekrecht gelijktijdig met de overdracht bij de notaris zou plaatsvinden. (..) Volgens eiser blijkt ook uit een brief van zijn ex-echtgenote dat zij instemt met de verkoop van de grond aan gedaagde. Met de toestemming van de ex-echtgenote voor de verkoop van de grond, is echter nog niet het betreffende hypotheekrecht doorgehaald. Gelet op het voorgaande kan voorshands niet geoordeeld worden dat gedaagde ter zake de op haar rustende verplichting bij de notaris te verschijnen binnen vier weken na het vonnis van 2 december 2014 dwangsommen heeft verbeurd, zodat er geen aanleiding is aan deze verplichting een hogere dwangsom te verbinden.
”
“door de landmeter van het kadaster moeten worden uitgemeten (..)”. De in de leveringsakte door de notaris opgenomen considerans luidt als volgt:
4.Standpunt van klaagster
5.Standpunt van de notaris
6.Beoordeling
“Ik heb u gisteren de ontwerp akte toegezonden. Deze is nog niet volmaakt, hierop zult u zelf (..) nog input moeten geven.”De stelling dat de definitieve akte van 30 november 2015 onjuistheden bevat, heeft klaagster, ook na uitdrukkelijk daarop gerichte vragen ter zitting, naar het oordeel van het hof onvoldoende geconcretiseerd. Klachtonderdeel ii. is dan ook ongegrond.
e-mailcorrespondentie tussen haar en de notaris heeft doorgestuurd naar de advocaat van de vader op verzoek van die advocaat. Ter zitting in hoger beroep heeft klaagster op verzoek van de voorzitter deze e-mailcorrespondentie overgelegd. Het hof verwijst voor de inhoud daarvan naar hetgeen hierboven onder 3.2.7. staat vermeld. De notaris heeft ter zitting in hoger beroep bevestigd dat hij deze e-mails heeft doorgestuurd naar de advocaat van de vader. Hij heeft deze e-mails ondertekend met de tekst ‘voor echt vergeleken kopie’.