ECLI:NL:GHAMS:2018:1045
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlenging machtiging uithuisplaatsing van minderjarige kinderen bij vader bevestigd
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van haar twee minderjarige kinderen bij de vader. De kinderen zijn sinds 2014 onder toezicht gesteld en meerdere malen uit huis geplaatst vanwege zorgen over de opvoedvaardigheden en veiligheid bij de moeder.
De moeder betoogt dat zij hard heeft gewerkt aan haar situatie en in staat is de zorg voor de kinderen weer op zich te nemen, met ondersteuning en gedeelde zorg met de vader. De gecertificeerde instelling (GI) en de vader stellen echter dat de moeder nog onvoldoende zelfredzaam is, regelmatig omgangsmomenten afzegt en niet kan voorzien in de behoeften van de kinderen.
Het hof overweegt dat ondanks de inspanningen van de moeder, zij nog steeds overbelast is, onvoldoende structuur kan bieden en emotioneel onvoldoende beschikbaar is voor de kinderen. De kinderen ontwikkelen zich goed bij de vader, die hen stabiliteit en structuur biedt. Gezien de behoeften van de kinderen en de onmacht van de moeder, zijn de gronden voor verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing aanwezig en blijft deze in het belang van de kinderen.
Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking en wijst het beroep van de moeder af voor zover dit betrekking heeft op de machtiging tot uithuisplaatsing.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de kinderen bij de vader vanwege het belang van stabiliteit en onvoldoende zelfredzaamheid van de moeder.