Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
6.De beslissing
donderdag 15 november 2017 om 11:00 uur;
Gerechtshof Amsterdam
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de kinderrechter die de ondertoezichtstelling van haar kind heeft verlengd tot 14 april 2018. De gecertificeerde instelling (GI) had verzocht om deze verlenging vanwege zorgen over de thuissituatie en de voortgang van het hulpverleningstraject.
De kinderen verblijven deels bij de grootmoeder vanwege conflicten in de thuissituatie. De moeder is belast met het gezag over twee kinderen en deelt het gezag over het derde kind met de grootmoeder. De GI heeft meerdere machtigingen tot uithuisplaatsing verkregen voor de kinderen, die in pleegzorg of bij de grootmoeder verblijven.
Na de mondelinge behandeling op 31 augustus 2017 ontving het hof aanvullende brieven waarin werd aangegeven dat het hulpverleningstraject bij Nika, Arkin BGGZ nog niet was afgerond. De moeder gaf aan bereid te zijn vrijwillig begeleiding te volgen en wenst dit zonder bemoeienis van de GI te doen.
Het hof besloot daarom het onderzoek te heropenen en een nadere mondelinge behandeling te plannen om partijen nader te horen over de stand van zaken van het hulpverleningstraject en eventuele vervolghulpverlening. Tot die tijd werd iedere verdere beslissing aangehouden.
Uitkomst: Het hof heropent het onderzoek en bepaalt een nadere mondelinge behandeling, waarna verdere beslissing wordt aangehouden.