ECLI:NL:GHAMS:2017:4067
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- A. van Haeringen
- T.A.M. Tijhuis
- A. Vaatstra
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid hoger beroep bij beëindiging gezag ondanks gebrekkige betekening aan in buitenland woonachtige moeder
De moeder, woonachtig in Italië, kwam in hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 29 juni 2016 betreffende de beëindiging van het gezag over haar kind.
De kern van het geschil betrof de ontvankelijkheid van het hoger beroep, waarbij het hof moest beoordelen of het afschrift van de beschikking aan de moeder correct was verzonden volgens de wettelijke vereisten en de Europese Betekeningsverordening (EBetVo II).
De rechtbank had de beschikking op 29 september 2016 aan de moeder verzonden, maar niet aangetekend met ontvangstbevestiging zoals vereist volgens artikel 14 EBetVo Pro II. Hierdoor was de beroepstermijn van drie maanden volgens artikel 806 lid 1 aanhef Pro en onder a Rv niet van toepassing.
Het hof oordeelde dat de moeder de beschikking op 12 september 2016 op andere wijze had ontvangen en dat het beroep op 2 december 2016 tijdig was ingesteld binnen de termijn van drie maanden na bekendwording, conform artikel 806 lid 1 aanhef Pro en onder b Rv. De moeder werd daarom ontvankelijk verklaard en de zaak werd aangehouden voor verdere behandeling.
Uitkomst: De moeder is ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep omdat het afschrift van de beschikking niet volgens de vereiste procedure was verzonden.