ECLI:NL:GHAMS:2017:3688

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
14 september 2017
Publicatiedatum
14 september 2017
Zaaknummer
23-003349-16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte oplichting wegens onvoldoende bewijs

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam, waarin verdachte werd beschuldigd van oplichting door het indienen van valse documenten voor een persoonlijke lening.

De tenlastelegging betrof het opzettelijk valselijk invullen en indienen van een aanvraagformulier voor een lening, vergezeld van valse kopieën van een paspoort, bankafschrift, salarisspecificatie en arbeidsovereenkomst, met als doel zich wederrechtelijk te bevoordelen.

Na het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep en het bestuderen van de stukken concludeerde het hof dat niet met voldoende mate van zekerheid kon worden vastgesteld dat verdachte het ten laste gelegde had begaan. De advocaat-generaal had vrijspraak gevorderd, en het hof volgde dit vordering.

Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van de tenlastelegging. Een van de rechters was niet in staat het arrest mede te ondertekenen.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor oplichting.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003349-16
datum uitspraak: 14 september 2017
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van
de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 16 september 2013 in de strafzaak onder parketnummer 13-676313-12 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986,
adres: [adres] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
31 augustus 2017 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 12 oktober 2011 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] te bewegen tot de afgifte van een geldbedrag (13.000 euro), in elk geval van enig goed, met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid een aanvraagformulier voor een persoonlijke lening te hebben ingevuld en/of (vervolgens) heeft ingestuurd naar [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] , vergezeld van een vals of valselijk opgemaakt (kopie) paspoort op naam van hem verdachte en/of een een vals of valselijk opgemaakt (kopie) bankafschrift ING op naam van hem verdachte en/of een vals of valselijk opgemaakt (kopie) salarisspecificatie op naam van hem verdachte en/of een vals of valselijk opgemaakt kopie arbeidsovereenkomst op naam van hem verdachte.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de politierechter.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden vrijgesproken.

Vrijspraak

Zoals gevorderd door de advocaat-generaal en bepleit door de verdediging, is uit de stukken van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep niet met voldoende mate van zekerheid komen vast te staan dat de verdachte hetgeen hem ten laste is gelegd heeft begaan, zodat het hof hem daarvan zal vrijspreken.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.M. van der Nat, mr. E. Mijnsberge en mr. S.M.M. Bordenga, in tegenwoordigheid van D.J. Herbrink, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
14 september 2017.
Mr. M.M. van der Nat is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.