ECLI:NL:GHAMS:2017:3429
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mishandeling wegens onvoldoende bewijs
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam, waarin verdachte was veroordeeld voor mishandeling van een benadeelde op of omstreeks 12 maart 2016. Het hof vernietigde het vonnis voor zover het aan zijn oordeel was onderworpen en kwam tot een ander bewijswaardering dan de politierechter.
De advocaat-generaal had gevorderd dat het ten laste gelegde feit bewezen werd verklaard, maar het hof vond op basis van de stukken en aanwezige bewijsmiddelen onvoldoende overtuigend bewijs dat verdachte het feit had begaan. De beelden van een bewakingscamera toonden het slaan en/of stompen niet, en de verklaring van een verbalisant over de beelden kon ook passen binnen de door verdachte geschetste gang van zaken.
De benadeelde partij had zich in eerste aanleg met een schadevordering van € 979,60 gevoegd, waarvan in eerste aanleg slechts € 59,60 werd toegewezen. Nu verdachte werd vrijgesproken, verklaarde het hof de vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk. Beide partijen dragen hun eigen kosten.
Het arrest werd uitgesproken op 25 augustus 2017 door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van mishandeling wegens onvoldoende bewijs.