Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.De feiten
3.Het geschil in hoger beroep
4.Beoordeling van het hoger beroep
op de [b-weg] langs met het door [de vrouw] (hof: de vrouw)
getekende convenant. [de man] had mij daarvan op de hoogte gesteld. [Y] en [de man] hebben een paar uur samen op zolder met elkaar gesproken/doorgebracht. Uiteraard weet ik niet wat er besproken is en hoe de ondertekening van het convenant tot stand is gekomen. Wat ik wel weet, is dat toen [Y] laat die avond terug naar huis ging (en het convenant getekend was) de sfeer en het contact tussen [de man] en [Y] uiterst vriendschappelijk was en warm. Er was geen sprake van boosheid, noch wrok, noch wrijving.