ECLI:NL:GHAMS:2017:2980
Gerechtshof Amsterdam
- Verwijzing na Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Handhaving groepsverbod Delta ondanks deelname kerncentrale Borssele niet strijdig met artikel 1 EVRM
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 25 juli 2017 uitspraak gedaan in het hoger beroep van Delta N.V. tegen de Staat der Nederlanden inzake het groepsverbod uit de Wet onafhankelijk netbeheer (Won). Delta voerde aan dat haar deelname in de kerncentrale Borssele een zodanige zware last oplevert dat het groepsverbod in strijd is met artikel 1 EVRM Pro.
Het hof heeft het feitenmateriaal uitgebreid onderzocht, waaronder de structuur van Delta en haar deelnemingen, het convenant omtrent de kerncentrale, de financiële gevolgen van de tollingovereenkomst en de restricties op de overdracht van aandelen in EPZ. Hoewel Delta verlies lijdt door de lage elektriciteitsprijzen en beperkingen kent in haar aandelenoverdracht, is het hof van oordeel dat er geen disproportionele last ontstaat die het groepsverbod onredelijk maakt.
Het hof benadrukt dat Delta commerciële keuzes heeft gemaakt, zoals het vergroten van haar belang in EPZ en het opnemen van beperkingen in de statuten, die mede bijdragen aan haar situatie. Daarnaast zijn er meerdere oplossingsscenario's voor de continuïteit van Delta en is de Staat bereid staatssteun te verlenen.
Uiteindelijk oordeelt het hof dat het groepsverbod een redelijk evenwicht behoudt tussen het publieke belang en het individuele belang van Delta. Het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd en Delta wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van Delta af.