Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.De verdere feiten
- partijen verwezen naar het Omgangshuis Noord-Holland (Zaandam) ter voorbereiding op- en begeleiding van statusvoorlichting en omgang tussen de man en [de minderjarige] , overeenkomstig hetgeen onder 4.3 van de tussenbeschikking is overwogen;
- bepaald dat partijen hun medewerking dienen te verlenen aan alle stappen van het door het Omgangshuis te bepalen traject en zich dienen te houden aan en te gedragen volgens de aanwijzingen van (een van) de medewerker(s) van het Omgangshuis;
- bepaald dat partijen zich binnen vier weken na het wijzen van deze beschikking dienen aan te melden bij het Omgangshuis Noord-Holland (Zaandam);
- bepaald dat partijen ieder de helft van de kosten die door het Omgangshuis in rekening worden gebracht, voor zijn rekening zal nemen.