ECLI:NL:GHAMS:2017:1291
Gerechtshof Amsterdam
- Rekestprocedure
- Leenaers
- Röttgering
- Dalebout
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding kosten verzoekschrift na overlijden verzoeker zonder verrekening boetes
De nabestaanden van de overleden verzoeker hebben hoger beroep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam die een vergoeding van €550 toekende, maar dit bedrag verrekende met openstaande geldboetes. Tijdens de behandeling bleek dat verzoeker op 17 november 2016 was overleden.
Het hof oordeelt dat de rechtbank ten onrechte tot verrekening is overgegaan zonder de verzoeker en zijn advocaat de mogelijkheid te geven kennis te nemen van de onderliggende gegevens van het CJIB. Dit is in strijd met de procesorde en leidt tot nietigheid van de beschikking.
Verder stelt het hof vast dat de strafzaak zonder strafoplegging is geëindigd en dat het CJIB bij overlijden geen openstaande boetes meer executeert. Daarom is verrekening niet mogelijk. Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank, verklaart het hoger beroep gegrond en wijst het verzoek tot vergoeding van €550 toe aan de nabestaanden van verzoeker.
De beschikking is uitgesproken door de meervoudige raadkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 14 april 2017, waarbij de vergoeding wordt betaald uit de Rijkskas.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot vergoeding van €550 toe zonder verrekening van openstaande boetes vanwege het overlijden van verzoeker.