Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.DE BANGERT C.V.en
ONTWIKKELINGSMAATSCHAPPIJ HOORN B.V.,
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
over de door haar uit te geven gronden (...). Het deficit dient verrekend te worden op de door OM te realiseren vrije sector woningen.
.
De door de OMH aan de gemeente verkochte gronden zijn geleverd vrij van[kort gezegd: opstallen]
en vrij van bodemvervuiling, tenzij anders is bepaald in een koopovereenkomst (...) tussen partijen. (…) De opstallen c.a. inzake door de gemeente (direct) verworven en nog te verwerven gronden (...) zullen in beginsel niet eerder worden gesloopt dan nadat over de hoogte en de verdeling van de kosten overeenstemming is bereikt tussen de OMH en de gemeente. (...) De aan deze sloop verbonden kosten zullen gelijkelijk tussen de OMH en de gemeente worden verdeeld.**.
geeft aan dat het geheel van onderwerpen welke in deze vergadering besproken worden gezien moeten worden als een “packagedeal”. Het moet een voor beide partijen evenwichtig verhaal zijn, waar geen onderdelen van afgepeld kunnen worden. (...)
excl. BTW voor sloop en eenzelfde bedrag voor sanering. Ter zake van de tweede categorie moeten afspraken worden gemaakt.
.
:
5. Kwalitatieve bedingen. De door de OMH genoemde bedragen van 2x 6 ton (...).
Ter zake van de staat van de gronden is sprake van twee categorieën:
Ter zake van de door de gemeente te leveren en de nog door de gemeente te verwerven gronden ten behoeve van de OMH zullen de kosten van het slopen van te verwijderen opstallen en het verwijderen van bodemverontreiniging in de verhouding 50/50 tussen partijen worden verdeeld.
Ter zake van de door de gemeente te leveren en de nog door de gemeente te verwerven gronden waarop een bouwclaim rust van de OMH zullen de kosten van het slopen van te verwijderen opstallen en het verwijderen van bodemverontreinigingen, in de verhouding 50/50 tussen partijen worden verdeeld.
3.Beoordeling
Onderscheid kan worden gemaakt tussen percelen die door de gemeente van de OMH zijn gekocht en de percelen welke direct door de gemeente worden gekocht. (...) Overeengekomen wordt dat de kosten voor zowel de eerste als de tweede categorie op 50/50 basis tussen de gemeente en de OMH worden verdeeld. De uitvoering geschiedt door de gemeente(hierboven, onder 2.2.f). Blijkens de context gaat het hier over sloop- en saneringskosten. OMH stelt niet dat de litigieuze kosten hier zijn uitgezonderd.