ECLI:NL:GHAMS:2017:1193
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring van appel wegens ontbreken procesvertegenwoordiging door bewindvoerder
In deze civiele zaak tussen appellante en Woningstichting Eigen Haard heeft het Gerechtshof Amsterdam op 4 april 2017 een arrest gewezen. Na een eerder tussenarrest waarin werd vastgesteld dat de goederen van appellante onder bewind waren gesteld, werd appellante in de gelegenheid gesteld haar bewindvoerder als formele procespartij te laten optreden. De bewindvoerder heeft echter per e-mail aangegeven het geding niet over te nemen en zich als formele procespartij terug te trekken.
Hierdoor kan appellante niet in hoger beroep worden ontvangen, ondanks dat het bewind later is opgeheven. Het hof concludeert dat er geen rechtsgeldige opdracht aan de advocaat van appellante is gegeven voor het instellen van het hoger beroep. Daarom overweegt het hof de advocaat op de voet van artikel 245 lid 1 Rv Pro in de proceskosten te veroordelen.
Het hof geeft de advocaat de gelegenheid om zijn standpunt over dit voornemen toe te lichten, waarna Eigen Haard zal mogen reageren. De verdere beslissing wordt aangehouden en de zaak wordt verwezen naar de rol van 18 april 2017 voor verdere procedure.
Uitkomst: Appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep wegens het ontbreken van overname van het geding door haar bewindvoerder.