ECLI:NL:GHAMS:2016:874
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- S.F. Schütz
- C.M. Aarts
- W.H.F.M. Cortenraad
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep loonvordering na ontslag op staande voet wegens vermissing geld uit kluis
De zaak betreft een loonvordering van een bedrijfsleider die op staande voet werd ontslagen wegens het verdwijnen van geld uit de kluis van het restaurant waar hij werkte. De kantonrechter had de loonvordering toegewezen, maar het gerechtshof Amsterdam vernietigt dit vonnis.
Het hof stelt vast dat de bedrijfsleider verantwoordelijk was voor de kas en dat er voldoende aanwijzingen zijn dat hij geld uit de kluis heeft gehaald zonder dit te verantwoorden. Hoewel het bewijs in een bodemprocedure nader moet worden geleverd, acht het hof de kans dat de werkgever slaagt in het bewijs van verduistering voldoende aannemelijk om het ontslag op staande voet te rechtvaardigen.
Daarnaast oordeelt het hof dat het ontslag onverwijld is gegeven nadat de werkgever het vermoeden had onderzocht en de werknemer gelegenheid had gegeven tot weerwoord. De loonvordering wordt daarom afgewezen en de werknemer veroordeeld tot terugbetaling van reeds ontvangen bedragen en proceskosten.
Uitkomst: De loonvordering wordt afgewezen en het ontslag op staande voet geacht terecht en onverwijld gegeven.