ECLI:NL:GHAMS:2016:744
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M. Wigleven
- H.A. van den Berg
- W.K. van Duren
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging spoedmachtiging uithuisplaatsing minderjarige wegens onmiddellijk gevaar
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de kinderrechter die een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van haar minderjarige kind heeft verleend. De gecertificeerde instelling (GI) had deze machtiging aangevraagd vanwege een onveilige thuissituatie, onder meer gebaseerd op een verontrustend sms-bericht van de moeder.
De moeder betoogde dat er geen onmiddellijk en ernstig gevaar was en dat de GI onrechtmatig gebruik maakte van de spoedmachtiging. Zij stelde dat zij slechts tijdelijk overprikkeld was en dat er geen aanwijzingen waren voor mishandeling of andere ernstige risico's. De GI en de vader stelden daarentegen dat de situatie onveilig was, mede door de onvoorspelbaarheid van de moeder en haar agressieve gedrag.
Het hof oordeelde dat het sms-bericht en de bestaande zorgen voldoende aannemelijk maakten dat de thuissituatie onvoldoende veilig was. Omdat er nog geen veiligheidsplan was opgesteld en de samenwerking met de moeder moeizaam verliep, kon niet worden vastgesteld dat terugkeer veilig was. De spoedmachtiging was daarom terecht verleend en de beschikking van de kinderrechter werd bekrachtigd. Op 19 november 2015 werd een veiligheidsplan vastgesteld waarna de minderjarige op 20 november 2015 weer bij de moeder werd geplaatst.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de spoedmachtiging tot uithuisplaatsing wegens onmiddellijk en ernstig gevaar voor de minderjarige.