ECLI:NL:GHAMS:2016:5631
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende zekerheid identiteit bij weigering ademanalyse
Op 25 december 2013 werd een man aangehouden in Amsterdam wegens slingerend rijgedrag en het negeren van een stopteken. Deze persoon weigerde medewerking aan een ademonderzoek. De identiteit van deze persoon werd vastgesteld aan de hand van een foto in het politiesysteem, zonder verificatie met een identiteitsbewijs of foto ter plaatse.
De verdachte ontkende in hoger beroep dat hij degene was die de ademanalyse weigerde; zijn jongere broer werd als mogelijke dader genoemd. De broer werd als getuige gehoord, maar maakte gebruik van zijn verschoningsrecht. Het hof vergeleek de uiterlijke kenmerken van verdachte en zijn broer en concludeerde dat het niet uitgesloten kan worden dat de broer de persoon was die de ademanalyse weigerde.
Gezien deze onzekerheid sprak het hof de verdachte vrij, omdat niet met voldoende mate van zekerheid kon worden vastgesteld dat hij het ten laste gelegde feit had begaan. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht door vrijspraak uit te spreken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende zekerheid over zijn identiteit als dader van de weigering van medewerking aan het ademonderzoek.