ECLI:NL:GHAMS:2016:4061
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Schorsing oud-notaris wegens tekortschieten onderzoek vastgoedtransacties
De zaak betreft een klacht van de Officier van Justitie tegen een oud-notaris die tussen maart 2007 en april 2010 betrokken was bij diverse onroerendgoedtransacties. Het hof beoordeelt of de oud-notaris voldoende onderzoek heeft verricht om te bepalen of hij medewerking aan de transacties moest weigeren op grond van artikel 21 lid 2 van Pro de Wet op het notarisambt.
Het hof bespreekt zes transacties en concludeert dat de oud-notaris bij vier daarvan tekort is geschoten in zijn onderzoeksplicht. Dit betreft onder meer het nalaten van onderzoek naar de achtergrond van partijen en de herkomst van gelden. Bij drie van deze transacties was de oud-notaris reeds strafrechtelijk veroordeeld voor het niet melden van ongebruikelijke transacties volgens de Wwft.
Gezien de ernst van de tekortkomingen en de herhaling daarvan, legt het hof een schorsing van vier weken op. De beslissing van de kamer wordt vernietigd en het hof verklaart de klacht gegrond voor de vier genoemde transacties. De schorsing wordt aan de oud-notaris medegedeeld via aangetekende brief.
Uitkomst: De oud-notaris wordt geschorst voor vier weken wegens tekortschieten in zijn onderzoeksplicht bij vier vastgoedtransacties.