ECLI:NL:GHAMS:2016:3787

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
2 september 2016
Publicatiedatum
20 september 2016
Zaaknummer
23-005276-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 310 SrArt. 311 SrArt. 321 SrArt. 422 Sv
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak diefstal bedrijfsauto wegens ontbreken eigendomsoverdracht en bewijs

In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam werd verdachte verdacht van diefstal van een bedrijfsauto en/of geldbedrag, met als primair feit wederrechtelijke toe-eigening van een Hyundai bedrijfsauto en/of geld van €1.000,-. De tenlastelegging betrof handelingen in juni 2012 te Diemen en Almere.

De verdediging voerde aan dat verdachte de auto niet in eigendom had overgedragen en dat er geen sprake was van enige aanbetaling, waarmee het wettig en overtuigend bewijs voor toe-eigening ontbrak. Het hof nam kennis van de vordering van de advocaat-generaal die bevestiging van de straf eiste, maar oordeelde dat de verklaring van de aangever niet werd ondersteund door enig ander bewijs.

Daarom vernietigde het hof het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van de tenlastegelegde feiten. Het hof concludeerde dat niet bewezen was dat verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde had begaan. Dit arrest werd uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 2 september 2016.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor diefstal.

Uitspraak

Parketnummer: 23-005276-15
Datum uitspraak: 2 september 2016
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 22 november 2013 in de strafzaak onder parketnummer 13/706050-13 tegen
[verdachte],
geboren te Distrikt [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedag] 1968,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
19 augustus 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsvrouw naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:
primair:
hij op of omstreeks 06 juni 2012 te Diemen tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen a] een (bedrijfs)auto (merk Hyundai, gekentekend [kenteken]) en/of b] (een) geld(bedrag) (van euro 1.000,-), in elk geval (telkens) enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2]. en/of [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s); (Artikel 310 / 311 van het Wetboek van Strafrecht)
subsidiair:
hij op een tijdstip gelegen in of omstreeks de periode van 06 juni 2012 tot en met 10 juni 2012 te Diemen en/of te Almere, in elk geval in Nederland, tezamen en/of in vereniging met een ander of anderen, althans alleen opzettelijk a] een (bedrijfs)auto (Hyundai gekentekend [kenteken]) en/of b] (een) geld(bedrag) (van euro 1000,-), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) goed(eren) verdachte anders dan door misdrijf, te weten ad a] als verkocht goed (aan die [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 2]) en/of [slachtoffer 1] als aanbetaling voor die (Hyundai) (bedrijfs)auto, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; (Artikel 321 van Pro het Wetboek van Strafrecht)
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof met betrekking tot de bewijsvraag tot een andere beslissing komt dan de politierechter.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.

Vrijspraak

De verdediging heeft vrijspraak bepleit. De verdachte heeft de auto niet in eigendom overgedragen aan de aangever en er is geen sprake geweest van enige aanbetaling. Er is dus geen wettig en overtuigend bewijs dat de verdachte zich enig goed heeft toegeëigend, aldus de raadsvrouw.
Het hof overweegt als volgt.
Het hof zal de verdachte vrijspreken van het tenlastegelegde nu de verklaring van aangever niet wordt bevestigd door enig ander bewijsmiddel.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. P. Greve, mr. N.A. Schimmel en mr. E.H.M. Druijf, in tegenwoordigheid van
mr. C.J.J. Kwint, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
2 september 2016.