ECLI:NL:GHAMS:2016:3575
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D. Kingma
- G. Boot
- R.T. Terpstra
- Rechtspraak.nl
Opzegging arbeidsovereenkomst kennelijk onredelijk, schadevergoeding bevestigd
Appellant was sinds 1997 in dienst bij Deko en werd in 2014 ontslagen wegens bedrijfseconomische redenen. De kantonrechter oordeelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was vanwege het lange dienstverband, onvoldoende inspanningen voor herplaatsing en de ernst van de gevolgen voor appellant, en kende een schadevergoeding van €4.000 toe.
Appellant ging in hoger beroep en vorderde een hogere schadevergoeding van ruim €119.000. Het hof bevestigde de kennelijke onredelijkheid van het ontslag, maar verwierp de grieven die streefden naar een hogere vergoeding. Het hof oordeelde dat de bedrijfseconomische noodzaak voldoende was onderbouwd en dat appellant onvoldoende had aangetoond dat zelfstandigen zijn functie hadden overgenomen.
Ook het geweigerde aanbod voor een nieuwe arbeidsovereenkomst werd door het hof als eigen risico van appellant beschouwd. Het hof bekrachtigde daarom het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst het verzoek om een hogere schadevergoeding af.