ECLI:NL:GHAMS:2016:3399

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
19 augustus 2016
Publicatiedatum
23 augustus 2016
Zaaknummer
23-003107-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs verduistering audiomixer

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en verdachte vrijgesproken van verduistering van een audiomixer die hij als huurder van [bedrijfsnaam] onder zich had. De audiomixer bleek bij het ophalen door een compagnon van de verhuurder te zijn verdwenen, maar verdachte verklaarde niet te weten waar het apparaat was en vermoedde dat zijn huisbaas de mixer had ontvreemd.

Het hof oordeelde dat verdachte weliswaar te laat was met het terugbrengen van de gehuurde apparatuur en onvoldoende toezicht hield, maar dat deze omstandigheden niet voldoende wettig bewijs vormden om de wederrechtelijke toe-eigening te bewijzen. De tenlastelegging kon daarom niet worden bewezen verklaard.

De benadeelde partij had een schadevergoeding gevorderd, maar omdat verdachte niet schuldig werd bevonden, werd deze vordering niet-ontvankelijk verklaard. Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 19 augustus 2016.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor verduistering van de audiomixer.

Uitspraak

Parketnummer: 23-003107-15
Datum uitspraak: 19 augustus 2016
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 6 mei 2015 in de strafzaak onder parketnummer 13-179013-14 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1966,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 5 augustus 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 12 oktober 2013 tot en met 28 oktober 2013 in de gemeente(n) Amsterdam en/of Alphen aan den Rijn en/of elders in Nederland opzettelijk een audiomixer, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijfsnaam] (vestiging Amsterdam), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) goed(eren) verdachte anders dan door misdrijf, te weten als huurder, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de politierechter.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de politierechter in eerste aanleg opgelegd, te weten een taakstraf voor de duur van 50 uren, subsidiair 25 dagen hechtenis.

Vrijspraak

[bedrijfsnaam] heeft aan de verdachte twee cd-spelers en een audiomixer verhuurd. Op 18 oktober 2013, toen een compagnon van [bedrijfsnaam] de spullen bij de verdachte ging ophalen, bleek dat de koffer, waarin de audiomixer had moeten zitten, leeg was. In twee andere koffers zaten de cd-spelers. De verdachte heeft verklaard niet te weten waar hij de audiomixer is kwijtgeraakt, maar te vermoeden dat zijn huisbaas de audiomixer heeft ontvreemd. Aldus is aannemelijk geworden dat de verdachte te laat was met het terugbrengen van de door hem gehuurde apparatuur en onvoldoende toezicht heeft gehouden om te voorkomen dat de audiomixer is verdwenen. Voor het verdwijnen van de audiomixer kan hij wellicht civielrechtelijk aansprakelijk worden gehouden, maar voornoemde omstandigheden vormen niet voldoende wettig bewijs om bewezen te verklaren dat de verdachte zich de audiomixer wederrechtelijk heeft toegeëigend. Daardoor kan de ten laste gelegde verduistering niet bewezen worden verklaard. De verdachte moet daarom worden vrijgesproken.

Vordering van de benadeelde partij [bedrijfsnaam]

De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 3.355,08. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen tot een bedrag van € 2.558,28. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van de toegewezen vordering.
De verdachte wordt niet schuldig verklaard ter zake van het ten laste gelegde handelen waardoor de gestelde schade zou zijn veroorzaakt. De benadeelde partij kan daarom in de vordering niet worden ontvangen.

BESLISSING

Het hof vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Vordering van de benadeelde partij [bedrijfsnaam]
Verklaart de benadeelde partij [bedrijfsnaam] in de vordering tot schadevergoeding niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.M. van der Nat, mr. J.D.L. Nuis en mr. A.P.M. van Rijn, in tegenwoordigheid van mr. M. Helmers, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 19 augustus 2016.
Mr. J.D.L. Nuis is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[....]