ECLI:NL:GHAMS:2016:3338
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.A. Goslings
- F.J.P.M. Haas
- M.A.J.G. Janssen
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende medewerking
Appellant [X] is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland dat haar schuldsaneringsregeling tussentijds beëindigde vanwege onvoldoende medewerking. Zij betwist tekortkomingen en voert aan dat zij sinds 2012 in vaste dienst is en recent meer sollicitaties verricht, mede met hulp van haar zoon.
De bewindvoerder stelt dat appellant onvoldoende heeft gesolliciteerd gedurende meer dan twee jaar en niet tijdig de benodigde informatie over haar zoon heeft verstrekt, ondanks herhaalde verzoeken. De rechtbank had eerder al een verlenging van de regeling toegekend, maar het vertrouwen in een succesvolle afronding ontbreekt.
Het hof overweegt dat de schuldsaneringsregeling actieve medewerking vereist, waaronder het tijdig verstrekken van relevante informatie en het verrichten van sollicitaties. Appellant heeft deze verplichtingen niet voldoende nagekomen, en de recente verbeteringen kunnen de lange periode van nalatigheid niet compenseren.
Daarom bekrachtigt het hof het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot nadere verlenging af. Het arrest is gewezen door drie rechters en in het openbaar uitgesproken op 26 juli 2016.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende medewerking en wijst het verzoek tot verlenging af.