ECLI:NL:GHAMS:2016:3301
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen overtreding verkoop verboden middelen op Rembrandtplein
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot vier weken hechtenis wegens het zich op de openbare weg bevinden met het oog op de verkoop van middelen als bedoeld in de Opiumwet. In hoger beroep vernietigt het gerechtshof dit vonnis omdat het slechts aantekening betrof en verklaart het bewezen dat de verdachte zich op 17 januari 2015 op het Rembrandtplein bevond met het oog op de verkoop van (nep)drugs.
Het hof weegt de ernst van het feit af tegen de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder een lichte zwakzinnigheid, antisociale trekken, verslavingsproblemen en een geschiedenis van recidive. Sinds maart 2016 is echter een positieve gedragsverandering zichtbaar, mede door begeleiding en dagbesteding.
Gezien deze ontwikkeling en het belang om de voortgang niet te frustreren, legt het hof in deze zaak geen straf of maatregel op. In andere gelijktijdig behandelde zaken wordt wel een werkstraf en voorwaardelijke hechtenis opgelegd om de ernst van het gedrag te benadrukken en recidive te voorkomen.
Het hof benadrukt dat de verdachte onder toezicht blijft en dat voorwaarden zoals locatieverboden en meldplicht gehandhaafd blijven om verdere overlast te voorkomen.
Uitkomst: Het hof verklaart bewezen dat verdachte zich op het Rembrandtplein bevond met het oog op verkoop van verboden middelen, maar legt geen straf op vanwege positieve gedragsontwikkeling.