ECLI:NL:GHAMS:2016:2500
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid civiele rechter bij geschil over arbeidsovereenkomst versus opdrachtovereenkomst
In deze zaak staat centraal of de vraag of een overeenkomst een arbeidsovereenkomst of een opdrachtovereenkomst is, exclusief door de civiele rechter moet worden beantwoord, ondanks een arbitraal beding in de overeenkomst.
De appellant, voormalig Regional Director bij Disaronno International B.V., betwist dat zijn relatie met Disaronno een opdrachtovereenkomst betreft en vordert dat het hof het bestreden vonnis vernietigt en oordeelt dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst. Tevens stelt hij dat zijn ontslag kennelijk onredelijk was en vordert herstel van de dienstbetrekking met betaling van salaris en schadevergoeding.
De kantonrechter had zich onbevoegd verklaard vanwege het arbitraal beding. Het hof bevestigt deze beslissing en overweegt dat de juridische kwalificatie van de overeenkomst niet ter vrije bepaling van partijen staat en daarom exclusief aan de civiele rechter toekomt. Het hof verwijst naar de jurisprudentie van de Hoge Raad over de ontbinding van arbeidsovereenkomsten en concludeert dat het arbitraal beding niet aan de civiele rechter bevoegdheid ontnam. De grief van appellant faalt en het vonnis wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en verklaart zich onbevoegd vanwege het arbitraal beding.