ECLI:NL:GHAMS:2016:1308
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Geen spoedeisend belang bij ontruiming na ontbinding huurovereenkomst wegens drugs en wapens
In deze zaak was de huurovereenkomst tussen Rochdale en [geïntimeerde] ontbonden nadat in de gehuurde woning drugs en wapens waren aangetroffen. De burgemeester had de woning op grond van artikel 13b van de Opiumwet voor drie maanden gesloten. Rochdale vorderde daarop ontruiming van de woning in kort geding.
De kantonrechter wees de vordering af wegens gebrek aan spoedeisend belang. In hoger beroep bevestigde het hof dit oordeel. Het hof nam in aanmerking dat de woning inmiddels was vrijgegeven en dat sinds de politie-inval en sluiting meerdere maanden waren verstreken zonder soortgelijke incidenten. Ook stelde [geïntimeerde] dat haar zoon geen toegang meer had tot de woning, waardoor het risico op herhaling gering werd geacht.
Het hof oordeelde dat een onmiddellijke ontruiming niet noodzakelijk was om de preventieve werking te bereiken en dat Rochdale een bodemprocedure moest starten om haar rechten te effectueren. De kosten van het hoger beroep werden aan Rochdale opgelegd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst de gevorderde ontruiming af wegens ontbreken van spoedeisend belang.