Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
het geheel[cursivering hof] retour te zenden.” Aan al die laatste verzoeken heeft [appellant] voldaan en hij heeft (blijkens productie 3 bij inleidende dagvaarding) het getekende exemplaar (terug)gefaxt naar het op bladzijde 1 van de offerte bedoelde faxnummer. Uit dit een en ander, in onderlinge samenhang beschouwd, mocht [geïntimeerde] afleiden dat [appellant] met de offerte akkoord ging; dat de pagina’s 1 tot en met 3 van de offerte niet zijn geparafeerd, is daartegenover van ondergeschikt belang. [appellant] wordt derhalve ook niet gevolgd in zijn betoog dat [geïntimeerde] uit dat enkele ongeparafeerd laten had moeten afleiden dat [appellant] slechts akkoord ging met de machtiging voor automatische incasso, maar niet met de offerte. Indien [appellant] dat aan [geïntimeerde] had willen laten weten, had hij dat op een voldoende duidelijke manier moeten doen. Dat is het ongeparafeerd laten van bladzijden niet.
a contrarioaf te leiden uit het feit dat op bladzijde 3 van de offerte direct na de regeling van de minimale afnameverplichting wordt bepaald, dat op alle overeenkomsten van [geïntimeerde] haar algemene voorwaarden van toepassing zijn.