Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
.
Gerechtshof Amsterdam
Klager heeft een klacht ingediend tegen een kandidaat-notaris omdat hij meent dat de door haar opgestelde akte van boedelbeschrijving onjuist en onvolledig was en dat zij deze akte niet had mogen passeren als waarnemer. De kamer voor het notariaat verklaarde de klacht ongegrond. Klager ging hiertegen in hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam.
In het hoger beroep heeft de kandidaat-notaris verweer gevoerd en is de zaak behandeld tijdens een openbare zitting. Klager was niet aanwezig, maar had een pleitnota ingediend. Het hof heeft de stukken van de eerste aanleg en het hoger beroep bestudeerd.
Het hof verwijst naar de overwegingen van de kamer en constateert dat in het hoger beroep geen nieuwe feiten of argumenten zijn aangevoerd die tot een ander oordeel kunnen leiden. Daarom bevestigt het hof de bestreden beslissing en verklaart de klacht ongegrond.
De uitspraak is gedaan door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 22 december 2015.
Uitkomst: Het hof bevestigt de ongegrondverklaring van de klacht tegen de kandidaat-notaris.