ECLI:NL:GHAMS:2015:4825
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.M. Aarts
- S.F. Schütz
- M.L.D. Akkaya
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verjaring aansprakelijkstelling werkgever voor arbeidsgebonden schade
In deze civiele zaak vordert [geïntimeerde] vergoeding van schade die hij stelt te hebben geleden tijdens zijn werkzaamheden bij JCDecaux. Hij stelt dat JCDecaux aansprakelijk is voor de omstandigheden waaronder hij zijn werk verrichtte en dat de verjaringstermijn van vijf jaar nog niet is verstreken.
De kantonrechter verwierp het verjaringsverweer van JCDecaux en verwees de zaak door voor nadere onderbouwing van subsidiaire verweren. In hoger beroep betwist JCDecaux opnieuw dat de vordering niet verjaard is, terwijl [geïntimeerde] een deel van de feitenvaststelling aanvecht.
Het hof oordeelt dat de verjaringstermijn van vijf jaar begint te lopen op het moment dat de benadeelde daadwerkelijk bekend is met de schade en de aansprakelijke, en niet bij louter vermoeden. Gezien de ziekte- en uitvalgegevens was [geïntimeerde] vóór 21 december 2004 niet zodanig zeker van het verband tussen zijn klachten en werkzaamheden dat hij een rechtsvordering kon instellen.
De grieven van JCDecaux falen, evenals de incidentele grief van [geïntimeerde]. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter, veroordeelt JCDecaux in de kosten van het principaal appel en [geïntimeerde] in die van het incidenteel appel, en verklaart het arrest uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst het verjaringsverweer van JCDecaux af.