Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De verdere beoordeling
In het attachment gelieve dan ook aan te treffen de in rood door mij aangebrachte wijzigingen/aanpassingen in respectievelijk de concept overeenkomst van geldlening (...) Indien een en ander eveneens jullie instemming kan verkrijgen, dan rest ons mijns inziens niets anders meer dan tot ondertekening over te gaan (..)” .Naar het oordeel van het hof heeft CFNR deze bewoordingen, in samenhang met de CC-toezending aan [appellant] , in redelijkheid zo mogen begrijpen dat de e-mail met de daarin aangebrachte wijzigingen de volledige instemming had van [appellant] en dat [appellant] bereid was een overeenkomst, met deze inhoud, te ondertekenen. Een door CFNR in te stellen onderzoek naar de bevoegdheid van [B] was hiervoor niet nodig.
grief 1, voor zover betrekking hebbend op het oordeel van de rechtbank dat CFNR gerechtvaardigd heeft vertrouwd op de instemming van [appellant] met de door [B] in het leencontract aangebrachte wijzigingen, geen doel treft.
grief 2faalt.
3.Beslissing
de rolzitting van dit hof van 24 november 2015voor het nemen van een akte door [appellant] als bedoeld in 2.13.2 en 2.14, waarop CFNR bij antwoordakte zal kunnen reageren;