Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[appellante 1] ,
2. [appellante 2] ,
3. [appellant 3]
4. [appellante 4] ,
5. [appellant 5] ,
1.[geintimeerde 1] ,
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
In alle ruimten bevindt zich tegen de wanden en plafonds plaatmateriaal.
Rondom het rookgasafvoerkanaal bevindt zich plaatmateriaal.
grief IIkomen [appellanten] op tegen overweging 5.1 van het tussenvonnis van 26 november 2008, welke als volgt luidt:
grief IIIkeren [appellanten] zich tegen de oordelen van de rechtbank in het tussenvonnis van 26 november 2008 dat het aangetroffen asbest aan normaal gebruik van de woning in de weg staat (overweging 5.4), dat de woning niet de eigenschappen bezat die [geïntimeerden] op grond van de overeenkomst mochten verwachten (overweging 5.5) en dat de woning direct al bij de overdracht niet aan de overeenkomst beantwoordde (overweging 5.6). [appellanten] stellen hiertoe dat, als het in de woning gebruikte plaatmateriaal al asbesthoudend was, het ging om hechtgebonden asbest dat, als het niet wordt bewerkt, geen gebrek oplevert.
grief Vbetogen [appellanten] dat de rechtbank in overweging 5.6 van het tussenvonnis van 26 november 2008 ten onrechte heeft geoordeeld dat artikel I lid 6 van de Algemene Bepalingen van het koopcontract, zoals onder 3.1 (b) geciteerd niet als een exoneratiebeding kan worden opgevat.
grief VIIIkeren [appellanten] zich overweging 2.5 van het tussenvonnis van 22 juli 2009 en overweging 2.1 van het tussenvonnis van 3 maart 2010, waarin de rechtbank telkens heeft geoordeeld, kort gezegd, niet te zullen terugkomen van haar beslissing dat [appellanten] ten aanzien van de tussen hen en [geïntimeerden] gesloten overeenkomst toerekenbaar zijn tekortgeschoten. Uit het falen van de grieven I tot en met VII (voor zover besproken) volgt dat de rechtbank terecht niet van die beslissingen is teruggekomen en dat de grief dus faalt.
grieven IX tot en met XIV(en grief VII voor zover nog niet besproken) heb-ben betrekking op de schade en zullen later worden behandeld. Het hof sluit niet uit dat te zijner tijd in verband hiermee een comparitie van partijen zal worden gelast.