Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Tenlasteleggingen
Vonnis waarvan beroep
(Partiële) vrijspraken
zaak A onder 6ten laste gelegde overweegt het hof als volgt.
- € 23.000,00 van 13 september 2010,
- € 5.195,00 van 16 februari 2011 en
- € 4.000,00 van 7 maart 2011.
in zaak A onder 8ten laste gelegde overweegt het hof als volgt.
zaak C (primair en subsidiair)ten laste gelegde overweegt het hof als volgt.
Bewezenverklaring
Bewijsoverwegingen
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf en maatregel
Vordering van de benadeelde partijen [BP1, BP2 en BP3]
Vordering van de benadeelde partij [BP A.S.]
Vordering van de benadeelde partij [BP bedrijf 2]
€ 100.000,00 de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. Weliswaar is de op dit punt geleden schade veroorzaakt doordat de benadeelde, [BP bedrijf 2], althans [A.S.], door de verdachte is opgelicht, maar de omstandigheden waaronder dit heeft plaatsgevonden, waaronder begrepen de beslissing van [A.S.] om aan de verdachte aanzienlijke bedragen te doen toekomen teneinde de verdachte in staat te stellen kennelijk illegale handelingen te verrichten ten behoeve van vermeende goudtransacties, brengen mee dat het niet op zijn plaats zou zijn de Staat te belasten met het ten behoeve van de benadeelde incasseren van deze vordering onder de verdachte.
Vordering van de benadeelde partij [BP bedrijf 1]
€ 250.000,00 de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. Weliswaar is de op dit punt geleden schade veroorzaakt doordat de benadeelde, [BP bedrijf 1], althans [A.S.], door de verdachte is opgelicht, maar de omstandigheden waaronder dit heeft plaatsgevonden, waaronder begrepen de beslissing van [A.S.] om aan de verdachte aanzienlijke bedragen te doen toekomen teneinde de verdachte in staat te stellen kennelijk illegale handelingen te verrichten ten behoeve van vermeende goudtransacties, brengen mee dat het niet op zijn plaats zou zijn de Staat te belasten met het ten behoeve van de benadeelde incasseren van deze vordering onder de verdachte.
Vordering van de benadeelde partij [BP bedrijf 3]
van € 50.000,00 de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. Weliswaar is de op dit punt geleden schade veroorzaakt doordat de benadeelde, [BP bedrijf 3], althans [A.S.], door de verdachte is opgelicht, maar de omstandigheden waaronder dit heeft plaatsgevonden, waaronder begrepen de beslissing van [A.S.] om aan de verdachte aanzienlijke bedragen te doen toekomen teneinde de verdachte in staat te stellen kennelijk illegale handelingen te verrichten ten behoeve van vermeende goudtransacties, brengen mee dat het niet op zijn plaats zou zijn de Staat te belasten met het ten behoeve van de benadeelde incasseren van deze vordering onder de verdachte.
Vordering van de benadeelde partij [verzekeringsmaatschappij 2]
Vordering van de benadeelde partij [BP R.T.]
Vordering van de benadeelde partij [verzekeringsmaatschappij 1]
Vordering van de benadeelde partij [BP M.V.]
Beslag
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
nietstrafbaar en ontslaat de verdachte te dier zake van alle rechtsvervolging.
gevangenisstrafvoor de duur van
16 (zestien) jaren.
onttrekking aan het verkeervan het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten: een revolver.
vijftien stichtingen en B.V.’sniet ontvankelijk in hun vorderingen in hoger beroep.
Vordering van de benadeelde partijen [BP1, BP2 en BP 3]:
€ 3.986,15 ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededaders, hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 3.986,15 als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
6 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
€ 1.000,00.
[BP1]ter zake van het in zaak A onder 4 bewezen verklaarde tot het bedrag van
€ 7.500,00 ter zake van immateriële schadeen veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededaders, hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 7.500,00 als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
12 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
[BP2]ter zake van het in zaak A onder 4 bewezen verklaarde tot het bedrag van
€ 7.500,00 ter zake van immateriële schadeen veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededaders, hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 7.500,00 als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
12 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [BP A.S.]
€ 52.500,00 ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededaders, hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 250,00.
€ 45.000,00 als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
71 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [BP bedrijf 2]
€ 100.000,00 ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededaders, hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
Vordering van de benadeelde partij [BP bedrijf 1]
€ 250.000,00 ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededaders, hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€250,00.
Vordering van de benadeelde partij [BP bedrijf 3]
€ 50.000,00 ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededaders, hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
Vordering van de benadeelde partij [verzekeringsmaatschappij 2]
€ 110.739,44 ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 110.739,44 als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
75 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
€ 55.925,00 ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 55.925,00 als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
89 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.