ECLI:NL:GHAMS:2015:3066
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gemeente handelde niet onrechtmatig door niet in hoger beroep te gaan en opleggen last onder dwangsom
De zaak betreft een geschil tussen appellanten en de gemeente Amsterdam over het gebruik van een garage waarvoor een vergunning was verleend. De rechtbank had de garagevergunning ingetrokken en het stadsdeel opgedragen handhavend op te treden, met een last onder dwangsom. De gemeente stelde geen hoger beroep in tegen deze uitspraak, terwijl appellanten dat wel deden.
Appellanten stelden dat de gemeente onrechtmatig had gehandeld door geen hoger beroep in te stellen en door het opleggen van de last onder dwangsom, wat volgens hen onrechtmatige schade veroorzaakte. Het hof overwoog dat een bestuursorgaan vrij is om geen hoger beroep in te stellen, tenzij sprake is van misbruik van bevoegdheid, wat hier niet is gebleken.
Verder stelde het hof vast dat de rechtbank de gemeente niet een bevoegdheid tot handhaving gaf, maar een verplichting oplegde, waaraan de gemeente heeft voldaan door de last onder dwangsom op te leggen. Dit handelen was niet onrechtmatig, ook niet nu de hogere rechter de eerdere uitspraak vernietigde.
Ten slotte faalden de grieven van appellanten over ongerechtvaardigde verrijking en schadevergoeding, omdat onvoldoende concreet was gesteld dat zij schade hadden geleden en de parkeergelden rechtmatig waren geïnd. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellanten in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellanten af.