Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.De feiten
3.Het geschil in hoger beroep
- zolang [de minderjarige] nog geen zeven jaar oud is en derhalve nog niet leerplichtig is: acht dagen per maand – van zaterdag tot en met de week daarop op zondag 18.00 uur, alsmede alle Nederlandse schoolvakanties en de vrije dagen en erkende feestdagen, althans een zodanige zorgregeling vast te stellen als het hof juist zal achten;
- vanaf de datum waarop [de minderjarige] leerplichtig is: een weekend per 21 dagen van vrijdagmiddag na schooltijd tot en met zondagavond, alsmede alle Nederlandse schoolvakanties en de vrije dagen en erkende feestdagen, althans een zodanige zorgregeling vast te stellen als het hof juist zal achten;
4.Beoordeling van het hoger beroep
5.Beslissing
- [de minderjarige] vijf aaneengesloten dagen per maand bij de man in Nederland zal verblijven, daarin begrepen telkens het eerste weekend van die maand;
- de man desgewenst [de minderjarige] eens per twee maanden gedurende drie dagen in Polen kan bezoeken;
- [de minderjarige] 2/3 deel van de Poolse schoolvakanties bij de man in Nederland zal verblijven;
- [de minderjarige] ten minste tweemaal per week contact zal hebben met de man via telefoon of Skype;
- de vrouw de vliegtickets van [de minderjarige] (en indien van toepassing: zijn begeleider) alsmede de man ten behoeve van de hiervoor vermelde zorgregeling betaalt met een maximum van € 200,- per retourticket;