Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
DENTAL ‘80 B.V.,
F. VAN LANSCHOT BANKIERS N.V., (rechtsopvolgster van CenE Bankiers N.V., voorheen Crediet- en Effectenbank N.V.),
1.Het geding in hoger beroep
2.Verdere beoordeling
grief XXIIde bank in de gelegenheid gesteld bewijs te leveren van een aantal stellingen in het rapport van het door haar ingeschakelde kantoor BDO CampsObers Registeraccountants van 23 april 1999 (BDO III), te weten:
“van debiteuren, die op een aanschrijving door cliente hebben gereageerd met de mededeling, dat zij reeds betaald zouden hebben”. Mr. Van Odijk schrijft tevens dat zijn cliënte die reacties niet heeft kunnen verifiëren. Het hof acht met deze enkele brief, mede gezien de daarin gedane mededeling dat de reacties van de betrokken debiteuren niet zijn geverifieerd, niet bewezen dat het onderhavige bedrag op 28 september 1988 (reeds) geheel of gedeeltelijk was voldaan en om die reden van het debiteurensaldo per die datum moet worden afgetrokken. Nader bewijs heeft de bank niet aangeboden. Omdat de rechtbank dit bedrag (wel) van het debiteurensaldo heeft afgetrokken, is de grief in zoverre gegrond.
“Cliente vertrouwt er op, dat Uw bank het er toe zal leiden, dat de bij deze gevraagde nadere gegevens alsnog zo spoedig mogelijk zullen worden verstrekt, zodat cliente verder kan.”Nu niet althans niet voldoende toegelicht is gesteld - noch is gebleken - hetzij dat incassering van de desbetreffende vorderingen ook na verstrekking door de bank van die nadere gegevens is mislukt, hetzij dat de bank de [appellant] om die nadere gegevens heeft verzocht maar niet heeft verkregen, acht het hof met deze brief niet bewezen, zakelijk, dat de onderhavige vorderingen op 28 september 1988 geheel of gedeeltelijk als oninbaar moesten worden beschouwd en daarom van het debiteurensaldo per die datum moeten worden afgetrokken. Nader bewijs heeft de bank niet aangeboden. Omdat de rechtbank dit bedrag (wel) van het debiteurensaldo heeft afgetrokken, is de grief ook in zoverre gegrond.